back to top
home    |    Toepassingen voor machinegeometrie      Vlakheid en waterpas

Toepassingen

Software Screen

In de eerste plaats maken we een onderscheid tussen vlakheid en nivellering.

In de wiskunde is vlakheid een aanduiding van de vormtolerantie, waarbinnen zich een geproduceerd effen vlak (b.v. door frezen of slijpen) dient te bevinden.

Dit vlak is genivelleerd als zich het vlak gemiddeld orthogonal (loodrecht) t.o.v. de zwaartekracht bevindt. In de volksmond bevindt zich het genivelleerde vlak “in het water”. Als een vlak genivelleerd is, is het daarmee automatisch ook zeer vlak.


Om de vlakheid van een oppervlakte te meten, hebben we een referentievlak nodig. Om de nivellering te meten, hebben we een referentievlak nodig dat zich orthogonal t.o.v. de zwaartekracht bevindt. Normaalgesproken meten we een matrix van afzonderlijke punten en interpoleren we tussen deze afzonderlijke punten.

Fault

 

 

Spezificatie en mechanische aanpassing

In technische toepassingen meten en corrigeren we soms de vlakheid van machineonderdelen. Bij vlakheids- en rechtheidsmetingen heeft de mechanische aanpassing een dramatisch effect op wat we meten. Het is belangrijk om de vlakheidsspecificatie in detail te bekijken om een geschikte methode te kiezen.

Een vlakheid kan aangeven dat alle punten op het oppervlak tussen twee parallelle vlakken moeten liggen die "X" van elkaar verwijderd zijn, waarbij "X" de vlakheidstolerantie is. Het kan een toelaatbare golf over een specifiek gebied specificeren. Een andere mogelijkheid is het specificeren van de variantie van de afwijking voor een best passend vlak. Vaak definieert de specificatie expliciet of niet expliciet hoe de meting moet worden uitgevoerd.

Adapter

De beste methode voor vlakheid en waterpas hangt af van het volgende:

  • Wat meten we precies? (Afmetingen, toegankelijkheid, omgeving)
  • Wat zijn de vereiste specificaties? (helling, rol, lijnafwijking, golving etc )
  • Welke voorzieningen (stelschroeven) zijn er om de afwijkingen te corrigeren?
  • Wie doet het werk en hoeveel tijd heeft hij/zij?
  • Wat voor rapport is er nodig (voor wie?)?
  • Wat is je budget?